Problemen en kansen in de schoonmaak
1 februari 2012 Kees Blokland 0 reacties 413x gelezen
Opnieuw staken de schoonmakers in Nederland. De vraag leeft wat de achterliggende problematiek is. Ik was van 1977 tot 1990 als personeelsman actief bij een groot schoonmaakbedrijf, en van 2006 tot 2010 bij NS, waar ik de schoonmaakstaking over mij heen kreeg. In de tussenliggende periode is in de branche een aantal zaken ernstig verslechterd:
Het is niet onlogisch dat de vakbonden met hun organizingstrategie in deze branche zo veel succes scoorden: de omstandigheden gaven daar alle aanleiding toe. Er wordt gespeculeerd op een radicalisering bij de vakbonden, een toenemende invloed van de SP en dergelijke, maar mijns inziens is het slechte sociale klimaat, afgegleden door de marktontwikkeling, de primaire oorzaak van de onvrede. En daar moet de BV Nederland dus echt paal en perk aan stellen. Daarbij laat ik de actualiteit van het cao-conflict, dat ook over geld gaat, even terzijde.
Aan opdrachtgevers en intermediairs is gevraagd medeverantwoordelijkheid te nemen om de negatieve spiraal te doorbreken. In 2011 is een Code verantwoordelijk marktgedrag in de schoonmaakbranche opgesteld en getekend door een commissie met daarin vakverenigingen, de brancheorganisatie van schoonmaakbedrijven OSB, intermediairs en enkele opdrachtgevers (zoals NS, Schiphol, Rijksoverheid en ErasmusMC). Deze code, inmiddels meeondertekend door zo’n veertig andere opdrachtgevers, heeft snel effect gehad bij de aanbestedingen. Aanbestedingen op prijs alleen zijn uitzondering, kwaliteitscriteria worden veel zwaarder gewogen en de inkopers in Nederland, mede gestimuleerd door de NEVI die op duurzaam inkopen inzet, zijn hun inzet aan het veranderen. Maar dat is niet voldoende. Om de code feitelijk te implementeren, is het nodig dat meer partijen zich aansluiten, dat de normen uit de code actief worden toegepast en gehandhaafd, dat het vakmanschap en de professionaliteit uit het slop worden gehaald en vooral dat partijen zich niet verschuilen achter anderen en de schoonmakers serieus nemen.
Want het kan ook goed. Hay Group en Hago hebben dagschoonmaak op een inventieve manier georganiseerd, NS heeft zijn aanbesteding van treinenschoonmaak op vakmanschap ingezet, Schiphol heeft een kwaliteitsdrive op een lopend contract doorgevoerd, de gemeente Utrecht heeft zijn aanbesteding op EMVI ingericht, enzovoort.
Twee perspectieven noem ik nog:
De HR-professionals (en hun bazen) moeten zich realiseren dat als outsourcing realiteit en ook goed beleid is, de sociale verantwoordelijkheid zich niet beperkt tot het eigen cao-gebied, maar ook geldt voor de werknemers ‘achter de knip’, zoals Shell dat met veiligheidsbeleid al jaren voor zijn subcontractors doet.
Daarnaast moet de politiek zich realiseren dat we hier spreken over zo’n 150.000 banen, waar veel allochtonen in werkzaam zijn en die voor velen de eerste werkervaring zijn, en dat de huidige verwaarlozing van de kwaliteit van de arbeid de slechtst mogelijke entree tot de arbeidsmarkt in de beleving veroorzaakt. Maatschappelijke integratie?
Kees Blokland is voorzitter van de commissie Code verantwoordelijk marktgedrag in de schoonmaakbranche.
Reageren
Gratis rapporten